Mensenrechtenverdedigers tegen wil en dank – Speech voor jubileum Shelter City Nijmegen

Speech door Eva Rieter tijdens de viering van 3 jaar Shelter City Nijmegen op 1 juni 2016
Senior researcher and assistant professor of Public International Law and Human Rights Law – Radboud Universiteit

Mensenrechtenwerk: door en voor mensenrechtenverdedigers

We zijn allemaal burgers van de republiek van het geweten

“Mensen verdwijnen en een journalist wil weten hoe het zit. Hij interviewt familieleden en wordt vervolgens daarom opgepakt en verdwijnt zelf. Hij verdwijnt gelukkig alleen tijdelijk,  ook omdat een internationaal netwerk op tijd gealarmeerd was.

Een mensenrechtenverdediger tegen wil en dank.  Wat deed hij anders, dan wat een goede onderzoeksjournalist gewoon doet?

Wat hij doet is heel bijzonder vanwege de context waarin hij dat doet. En in die context  houdt hij vast aan zijn journalistieke en menselijke waarden. Dat is ongelooflijk dapper. En belangrijk.

Daarom zijn er speciale verplichtingen van staten om mensenrechtenbeschermers te beschermen.

Zij hebben net als iedereen het recht op leven en op fatsoenlijke behandeling.

Maar zij komen ook op voor dit recht voor anderen.

Soms doen ze dit door dit recht te benoemen, als advocaat of lid van een mensenrechtenorganisatie. Maar  soms komen ze ook op voor dit recht door kunst of journalistiek, of forensische antropologie. Bij dat laatste bijvoorbeeld omdat zij voor de familie willen achterhalen wie er ergens begraven liggen, of boven tafel te krijgen wat er gebeurd is.

Vanwege de waarheid en vanwege de waardigheid van de slachtoffers en hun familie.

‘Jezelf een vraag stellen, daarmee begint verzet. En dan die vraag aan een ander stellen’. Dat komt uit een bekend gedicht van Remco Campert.

Onderdrukkers willen niet dat je jezelf een vraag stelt.  En dan aan een ander. Uitzoeken wat er  is gebeurd en wat er nu gebeurt ervaren zij als een bedreiging.

In veel landen worden mensenrechtenverdedigers daarom zelf bedreigd.

Dit zijn vaak landen waar het recht op leven en het verbod op foltering en wrede behandeling niet worden gerespecteerd. Waar de uitingsvrijheid, het vergaren en analyseren van informatie en deze delen met anderen in krant, via radio of blog, waar deze vrijheid niet wordt gerespecteerd.

Mensenrechtenverdedigers zijn extra kwetsbaar voor schending van die rechten, juist omdat ze voor anderen opkomen van wie die rechten al eerder zijn geschonden.

Binnen de VN is de Verklaring voor mensenrechtenverdedigers aangenomen. Daarin wordt gezegd dat mensen die de rechten van anderen verdedigen, mensen die dat doen omdat deze rechten universeel zijn en dus voor iedereen gelden, dat die mensen extra bescherming verdienen.

Dat zij extra bescherming verdienen blijkt al uit al langer bestaande bindende verdragen en uit  hoe die zijn uitgelegd door de instanties die toezicht houden op de naleving van die verdragen.

Ook het Europese Mensenrechten Hof in Straatsburg krijgt steeds meer te maken met mensenrechtenverdedigers. Veel natuurlijk in verband met de verdwijningszaken in Tsjetsjenië. Maar ook met andere landen.

Verschillende landen in verschillende regio’s van de wereld, waaronder dus in Europa,  hebben van elkaar handige manieren afgekeken, om mensenrechtenorganisaties te ondermijnen

Dit doen ze door het moeilijk of onmogelijk te maken voor deze organisaties om zich te registreren. Terwijl ze vaak alleen effectief kunnen opereren als ze geregistreerd zijn.

Of landen gaan nog verder en noemen mensenrechtenorganisaties als ze maar een beetje geld van buiten krijgen een gevaarlijke ‘foreign agent’. Maar ook als zulke wetgeving over organisaties als buitenlandse agenten er niet is, kunnen landen andere regels misbruiken om mensenrechtenactivisten de mond te snoeren en door op die manier anderen ook te intimideren en het zwijgen op te leggen. Het ‘chilling effect’ wordt dat genoemd.

In maart van dit jaar heeft het Europese Mensenrechten Hof Azerbeidzjan scherp veroordeeld. De laatste jaren zijn verschillende mensenrechtenactivisten, juristen, politici en journalisten in Azerbeidzjan gearresteerd en gedetineerd vanwege uiteenlopende verdenkingen. Deze zaak ging over Rasul  Jafarov de voorzitter van de Human Rights Club. In 2014 werd een vervolging ingesteld wegens vermeend misbruik van gelden en verduistering.

De verschillende geldverstrekkende organisaties hebben verklaringen afgelegd waaruit blijkt dat Jafarov gedegen verantwoording heeft afgelegd over het gebruik van de fondsen.

Maar dit wordt dan niet vermeld in de nationale stukken.

Het Europese Mensenrechten Hof oordeelde deze lente dat zijn detentie in strijd was met het recht op vrijheid in art. 5 Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens omdat  er geen redelijke verdenking bestond van strafbare feiten.

Het Hof bespreekt in deze zaak uitgebreid de algemene context in het land, en in dit licht, en in het licht van de zeer negatieve berichtgeving rondom Jafarov (de media zijn in handen van de staat en die schilderen hem af als spion en landverrader), concludeert het Hof dat de staat om hem te kunnen vast zetten het voorwendsel heeft gebruikt van verdenking van een misdrijf.

Ook het Europese Mensenrechten Hof  heeft steeds meer oog voor de situatie van mensenrechtenverdedigers en de voorwendselen die staten gebruiken om hen en hun werk te ondermijnen.

Ik heb een paar jaar geleden onderzoek gedaan naar internationale procedures over het beschermen van bedreigde personen.

Vooral heel actief is het Inter-Amerikaanse Mensenrechten Hof in Costa Rica. Dit Hof behandelt klachten tegen alle landen van Latijns Amerika en nog wat Caribische landen en Suriname.

Dit Hof is ten tijde van de grote hausse aan verdwijningen in Latijns Amerika begonnen met de opdracht te geven aan de staat dat getuigen worden beschermd. Later heeft het dit uitgebreid tot dat mensenrechten verdedigers moeten worden beschermd tegen bedreigingen, ook van derden.

In het begin zeiden landen: ‘ja we hebben een patrouille langs gestuurd’. Nou geweldig.  Dat was dan een patrouille net van de leger eenheid die betrokken was bij de bedreigingen.  Dus dat moest specifieker.

Of de persoon zelf werd niet meer bedreigd maar iemand uit zijn omgeving werd nu bedreigd door de staat.  Dus de kring van beschermden moest dan worden uitgebreid.

De les is in ieder geval dat je heel specifiek moet zijn. Wat heeft iemand nodig, of wat heeft een bedreigde groep nodig? Welke specifieke maatregelen moeten worden genomen  in die specifieke situatie? 

Het Hof  zegt bijv. nu dat  het land in kwestie om de tafel moet gaan zitten met de slachtoffers en samen beschermingsmaatregelen moet afspreken, waar beide partijen vertrouwen in hebben. Ze moeten die afspraken en het vervolg, dan terug rapporteren aan het Hof.

Wat ook vaak gebeurde is dat de overheid zei: ‘ja we kunnen zijn bescherming wel garanderen maar dan moet hij niet meer daar en daarover rapporteren’. Kortom we beschermen hem op voorwaarde dat hij zijn mond houdt of z’n werk niet doet. Dus  het Mensenrechten Hof in Costa Rica is toen heel precies gaan zeggen dat ze beschermd moesten worden terwijl ze hun mensenrechtenactiviteiten, hun journalistieke activiteiten, etc. bleven voortzetten. Speciaal de waarde van die activiteiten werd benadrukt.

Mensenrechtenverdedigers hebben het recht om hun werk ongehinderd te blijven doen. Meer nog, ze zouden daarin eigenlijk door hun overheid moeten worden ondersteund.

Dat vinden we ook terug in de VN verklaring over mensenrechtenverdedigers. Dus de inhoud van die verklaring geeft belangrijke aanwijzingen over wat staten moeten doen of juist niet mogen doen.

Bovendien is het voor sommige landen het enige wat we hebben.  Die zijn geen partij bij belangrijke verdragen. Dit maakt het extra nuttig dat de rechten van mensenrechtenverdedigers nu ook handig bij elkaar staan in een verklaring.

Pakistan is wel partij bij een aantal mensenrechtenverdragen, maar heeft ervoor gezorgd  dat geen slachtoffer een internationale klacht kan indienen onder die verdragen, bij het toezichthoudende Comité dat door de staten is ingesteld bij die verdragen.

Daarom is het zo belangrijk dat de landen van de VN ook Speciale Rapporteurs hebben benoemd en hen het mandaat hebben gegeven extra aandacht te besteden aan mensenrechtenverdedigers.

Er is zelfs een Speciale Rapporteur enkel op het thema van mensenrechtenverdedigers.  Het is een onafhankelijke expert, maar wel benoemd door de staten. Deze heeft daarom het mandaat van de staten om zich te ‘bemoeien’  met alle landen van de VN, zelfs als ze geen partij zijn bij relevante mensenrechtenverdragen. Al die landen moeten respect tonen voor mensenrechten verdedigers en voor het werk dat ze doen. En daarop wijzen is geen inmenging in de interne aangelegenheden.

De EU ondersteunt ook de VN verklaring voor mensenrechtenverdedigers en wijst expliciet op de mogelijkheid om met tijdelijke visa en dergelijke een verdediger de gelegenheid te geven  even op adem te komen en tegelijk door gaan met zijn of haar belangrijke werk en ook  in de EU contacten op te bouwen.

En het is zo belangrijk dat ook lokale gemeenschappen in andere landen steun betuigen aan mensenrechtenbeschermers, een plek bieden om op adem te komen, meewerken aan het versterken van het internationale netwerk van mensenrechtenverdedigers die tegenwerking, bedreiging en intimidatie ondervinden.

Lokale gemeenschappen en lokale overheden, zoals de gemeente Nijmegen. Die hun eigen verantwoordelijkheid nemen wat betreft mensenrechten. Die zien wat de internationale verplichtingen zijn en die daar zelf  een constructieve rol in willen spelen.

Een andere bekende dichter, een Ierse, Seamus Heaney, heeft het over The Republic of Conscience. Dat was een gedicht dat hij ooit schreef op verzoek van de voorzitter van Amnesty Ierland, ter gelegenheid van Internationale Mensenrechtendag. De Republiek van het Geweten, schreef hij. Ik heb het meegenomen voor wie het straks wil lezen want het is een gedicht en dat kun je eigenlijk niet omschrijven of benoemen. Maar voor dit praatje toch maar even kort door de bocht: in die republiek van het geweten, als je daar eenmaal bent geweest heb je voortaan ‘dual citizenship’. Tweeledig burgerschap. Van het land waar je wortels liggen en van die republiek van het geweten.

De dichter van The Republic of Conscience heeft het, denk ik, over ons gemeenschappelijk burgerschap, met mond, oog, oor en pen, om te getuigen en om te horen getuigen. Om elkaar aan te kijken en te zien. Daarom doet Zafar wat hij doet. En daarom ontvangt Nijmegen mensen als Zafar. Daarom willen wij in verbinding blijven met elkaar, waar we ook zijn in die republiek van het geweten.”

Ik wil graag bijdragen

Heb jij een goed idee? of een goed initiatief waarvan je ons op de hoogte wilt stellen? Vul dan het formulier in en we nemen zo spoedig mogelijk contact met je op.

Meer informatie over dit onderwerp